Denkende

doeners

Jeroen Piersma en Pim Kakelbeke schreven een lezenswaardig artikel in het FD van 10 oktober jl naar aanleiding van het faillissement van Boer&Croon waar ze ingaan op de noodzaak van verandering van de sector.

Ze wijzen daarbij terecht op de concurrentie met grote internationale advieskantoren en dat de hoge tarieven van adviseurs niet meer geaccepteerd worden.

Ik denk dat het fundamentele probleem voor deze adviesbureaus nog dieper ligt en dat het samen te vatten is in 3 woorden: multidisciplinair, implementatievermogen en netwerk organisatie.


Multidisciplinair

Bedrijven en de uitdagingen waarvoor ze staan, zijn complexer dan in het verleden, terwijl het management vaak wel degelijk in staat is om een groot deel van de strategische heroriëntatie zelf uit te voeren. Waar echter behoefte aan is, is aan bureaus die op deelgebieden, diep inhoudelijk, een bijdrage kunnen leveren over meerdere disciplines. Als er bijvoorbeeld als gevolg van een te hoge schuldpositie een desinvestering op stapel staat, dan kan de vraag er zijn of er een Chief Restructuring Officer beschikbaar is die, naast het noodzakelijke kosten- en cashmanagement, dit disposal-traject wil gaan begeleiden, vaak met een ‘duty of care’ naar de banken. Die vraag staat bijna nooit op zichzelf. In zo’n geval is het nodig om een extra verdieping en verificatie te doen t.a.v. de waardering en onderbouwing van de cijfers, moet de 13-weekse cashflow forecast worden opgezet en geïmplementeerd, zou het goed zijn om de financieringsstructuur van de onderneming nog eens tegen het licht te houden en moeten wellicht de consequenties vanuit een brede HR optiek op het blijvende personeel in kaart worden gebracht. Men wil dan niet met verschillende bureaus werken, maar verwacht ook niet dat er één persoon is die dit alles afdekt. Wat men wil is één bureau dat een dergelijke aanpak mogelijk maakt, waarbij de verschillende disciplines beschikbaar zijn en elkaar versterken voor het gewenste resultaat.


Implementatievermogen

Als er één ding is wat negatief heeft gewerkt op het beeld in de markt en bij klanten, dan is het het beeld van de adviseur die een mooi rapport oplevert en vertrekt. Wat een klant nu vraagt en nodig heeft, zijn “denkende doeners”. Mensen die het intellect hebben om een situatie snel te doorgronden, advies kunnen geven of een bestaand advies kunnen toetsen, maar vervolgens bereid en in staat zijn, om de klant de ondersteunen bij de uitvoerig. Immers de winkel moet wel gewoon doordraaien. Tijdelijke ondersteuning van het management bij veranderings- en strategische heroriëntatie processen is effectiever en geeft een hoge ROI als er top-interimmers worden ingezet die een bewezen track record hebben, hun handen uit de mouwen willen steken en het bedrijf als ‘procesversnellers’ kunnen ondersteunen.


Netwerkorganisatie

Er is geen business model denkbaar waarbij bureaus anno 2014 in staat zijn dergelijke toppers op hun loonlijst te zetten, hun inzet is daarvoor te variabel. Maar belangrijker, de echte ‘denkende doeners’ van de 21e eeuw, werken in flexibele contractvorm voor meerdere organisaties. Wat hun echter wel bindt aan een ‘netwerk’, is het type opdracht, de samenwerking met professionele vakgenoten uit andere disciplines, en het vermogen en de’ zin’ om ‘impact’ te maken bij een klant.

Samenvattend; bureaus die in staat zijn deze drieslag af te dekken, namelijk vanuit een verbindende kracht een multidisciplinaire aanpak kunnen aanbieden, met ‘denkende doeners’ ofwel top-interimmers die focus hebben op implementatie en resultaat, bieden ook in 2014 meerwaarde voor hun klanten. Tevens bieden deze bureaus ook een thuishaven voor de steeds groter wordende groep van professionele interimmers, die gewend zijn om in netwerk organisaties en in teamverband succesvol te werken.

Gerrit van Munster

Partner
  • November 11 2014
  • 549